‘Thank god for kinderopvang, opa’s en oma’s, en televisie!’, schrijft Elisabeth op haar blog. Zij en haar man werken allebei parttime en hun zoontje Jim (die overigens precies even oud is als Roan, ze worden in november 2) gaat 4 dagen per week naar de oppas. Elisabeth en haar vriend zijn hier blij mee, want Jim leert hier super veel. Dat zal zeker zo zijn en dat ga ik ook niet betwisten. Leidsters van het kinderdagverblijf, opa’s, oma’s en gastouders: die doen allemaal super goed werk en ik kan me heel goed voorstellen dat kindjes hier veel leren. Maar Elisabeth schrijft ook: ‘Wat als ik huismoeder was geweest? Ik denk niet dat het goed gekomen zou zijn met Jims ontwikkeling.’ Hier heb ik wel een mening over!

Lees de blog van Elisabeth eerst even voor je mijn reactie leest 🙂

Geen tijd voor voorlezen

Wat me opvalt, is dat Elisabeth de nadruk legt op dingen leren. Ze schrijft: ‘Als we Jim een dagje thuis hebben, zijn we druk met andere dingen, zoals boodschappen doen, huishouden, eten koken, (thuis) werken’. Hierdoor schieten de ‘educatieve spelletjes’, het voorlezen en oefenen met tellen er vaak bij in. Elisabeth schrijft ook: ‘Chapeau voor alle thuisblijfmoeders (en -vaders natuurlijk), die dus wél al die aandacht voor de ontwikkeling van hun kind(eren) hebben!’ Ik ben dus zo’n thuisblijfmoeder 😉

Doordat ik fulltime thuis ben, brengen Roan en ik wel meer tijd samen door dan wanneer ik parttime naar kantoor moet. Maar ik ben ook ondernemer en ik moet ook huishoudelijke dingen doen. Ik verwacht eigenlijk dat de gemiddelde thuisblijfmoeder rete druk is met boodschappen, koken en wassen.

Je kindje leert door te helpen en te kijken wat jij doet

Maar nu komt het mooie: bij alles wat je in en om het huis doet, leert je kindje. Ik doe juist de huishoudelijke klusjes als hij wakker is (als hij slaapt werk ik). We gaan bijna iedere dag wel naar de supermarkt of speeltuin of gewoon een stukje wandelen of fietsen.

Roan helpt me met de was, met het uitruimen van de vaatwasser en zijn favoriete fantasie-spelletje is op dit moment ‘koken’. Als wij koken, gaat Roan in de box (lees hier waarom we pro-box zijn). Hij zit dan in de box met een pan of plastic bak, wat blokjes en een pollepel druk te roeren. ‘Poeven’, roept hij af en toe (dit is geen typefout). Dan doet één van ons alsof we proeven van zijn zelf gebrouwen papje en is hij helemaal blij. Spelenderwijs leren gaat hierbij vanzelf!

spelenderwijs leren

Roan is aan het koken in de box. Oké, hij kookt z’n eigen voetjes, hij moet nog een beetje oefenen 😉

Spelenderwijs leren, de hele dag

Kinderen leren terwijl ze spelen en rond drentelen, terwijl ze jou bezig zien met de was of boodschappen. Ze leren tijdens het fietsen en jullie samen alles aanwijzen (auto, boom, gras!). Bij alles wat je doet, vertel je (in een normaal vocabulaire) wat je aan het doen bent. Hierdoor gaat je kindje spelenderwijs leren en dit gaat helemaal vanzelf.

Wat leert Roan allemaal dan vanzelf? Super veel!

  • hij ziet hoe ik het huishouden run
  • waar de wasmachine voor dient en dat hij van de knopjes af moet blijven als het apparaat aanstaat (zucht)
  • dat aardewerk borden zwaar en breekbaar zijn en dat hij die met twee handjes één voor één moet aangeven (hij heeft overigens nog nooit iets laten vallen! Afkloppen…)
  • wanneer iets vol en leeg is
  • dat als iets nat is, hij het met een handdoek kan droog wrijven (‘oh oh nanate poete’, roept hij dan)
  • wat roeren is
  • wat proeven is
  • wat opvouwen is (als hij helpt met opvouwen, maakt hij er een keurig propje van en hij kijkt hier heel serieus bij)
  • dat het groene spul op de sloot geen gras is, maar kroos en dat eendjes dit eten
  • dat z’n rompertje 3 drukkertjes heeft (1, 2, 3, klaar!)
  • et cetera…

Kinderen zijn van nature nieuwsgierig

Vergeet ook niet dat ieder kind zijn eigen leertempo heeft. Iemand heeft ooit eens bepaald dat kinderen met 6 jaar ‘moeten’ leren lezen en schrijven. En dat baby’s rond hun 1e verjaardag beginnen te praten (zoals ook het Oei, ik groei-boek beschrijft, wat een onzin!). Maar ieder kind is anders.

Roan had bijvoorbeeld eerst totaal geen interesse in boekjes. Voorlezen hield hij welgeteld 10 seconden vol. Eerst raakte ik gefrustreerd, maar ik besloot erop te vertrouwen dat het vanzelf komt. En inderdaad; van de één op de andere dag zei hij ‘boekje’ en begon hij heel serieus plaatjes te kijken. Ik heb hier vrijwel niks voor hoeven te doen.

Zonder educatieve spelletjes leert hij woordjes

Hij leest nu ook boekjes tijdens het verschonen (een gouden tip van vriendin Sabrina, alle credits naar haar!), zo ligt hij redelijk rustig terwijl ik z’n billen poets. Tijdens het verschonen – wat sowieso moet gebeuren – stel ik vragen over het boekje. ‘Waar is de appelboom?’, vraag ik bijvoorbeeld, waarna hij helemaal blij en trots de appelboom aanwijst. ‘Appel!’, roept hij dan trots. Ook auto, bal, trommel, fiets, bad, sok en broek wijst hij trots aan. Leren gaat – zeker op deze jonge leeftijd – helemaal vanzelf.

24/7 aandacht geven is niet nodig

Meerdere keren per dag pakt hij nu een boekje om te lezen. Maar ik heb echt niet altijd tijd (en zin!) om hem te gaan voorlezen. Dat geeft echter helemaal niks! Of je nu één, twee of tien boekjes per dag leest met je kindje, dat is allemaal prima. Je hoeft niet bezig te zijn met educatieve spelletjes en je hoeft ook niet continu aandacht te hebben voor je kind. Je kleintje kan best even zelf spelen, of zich vervelen, of zitten te dreinen. ‘Ik ben even met [x] bezig Roan, ik kom zo bij je’, is een zin die ik regelmatig gebruik. Vaak gaat hij dan alsnog spelen met z’n blokken, bakjes of boerderijdieren. Of hij gaat harder dreinen, maar dat geeft niet, want zo leert hij om geduld te hebben.

Dan nog even over tv kijken…

Over tv kijken heb ik ook nog een mening 😉 Ik ben niet faliekant tegen, maar ik denk wel dat die tv-shows voor (te) veel prikkels zorgen. Veel van de baby- en peuterseries zijn druk met felle kleuren, snel bewegend beeld en uptempo liedjes (aka paniek-tv). Daarnaast is het 2D en laat het weinig aan de fantasie over. Een tv-serie kijken is daarmee niet per se slecht, maar ik laat Roan met mate kijken (hooguit een kwartier per dag). En hij kijkt ook alleen de relatief rustige series, zoals TikTak, Sesamstraat en Kikker en vriendjes.

Vooral lekker gaan voetballen, fietsen en Pokemon Go spelen!

Dus, Elisabeth, om een conclusie te breien aan mijn verhaal: of je nu (parttime) werkt of thuisblijfmoeder bent, de tijd die je met je kindje doorbrengt is sowieso leerzaam. Hiervoor hoef je geen speciale ‘educatieve’ dingen te doen. Je schrijft: ‘Ik wil namelijk alleen maar leuke dingen met hem doen. Voetballen, fietsen, Pokemon Go spelen…’ Helemaal top! Blijven doen, want Jim leert hier zo ontzettend veel van! En dat allemaal zonder dat je de nadruk op leren legt, want leren doet hij tijdens het spelen sowieso wel.